Hielspoor en/of Fasciitis Plantaris

De fascia plantaris is een groot peesblad aan de onderzijde van de voet. Dit zorgt voor een bescherming van de vaten en zenuwen, maar dit peesblad is verantwoordelijk voor de instandhouding van het overlangse voetgewelf.

‘Stabilizer of the medial
longitudinal arch of the foot
against Ground Reaction Force’

Fasciitis plantaris is een insertie-tendinopathie van de fascia plantaris. De pijnklachten manifesteren zich voornamelijk aan de binnenkant van de onderzijde van de hiel.

fasciitis plantarisEen lijstje van mogelijk risicofactoren

  • structurele abnormaliteiten zoals hielspoorhielspoor (een beenvormig haakje aan de binnenzijde van de onderkant van het hielbeen; komt voor bij 90% van de bevolking)
  • overgewicht
  • degeneratieve verandering in de voet (tgv leeftijd)
  • trainingsfouten
    • een verhoging van de frequentie, duur of intensiteit
    • het oefenterrein (bergachtig, oneffen,…)
  • Langdurige belasting in de zin van lang staan, ver stappen met onaangepast schoeisel,…

Door een pronatief gangpatroon wordt de spanning op de fascia te groot. Hierdoor ontstaan er microscheurtjes in de fascia, die pijnklachten veroorzaken. Naast een slecht gangpatroon kunnen foute schoenen ook aan de basis liggen van deze klacht. Een te slappe zool & contrefort of te weinig schokdemping zijn een drietal exogene factoren.

Klinisch hoort en ziet een podoloog telkens weer hetzelfde patroon:
initieel ervaart de patiënt een scherpe pijn aan de mediale zijde van de hiel en soms ook aan het gewelf van de voet. De eerste passen ’s morgens of na een rustperiode zijn pijnlijk. Na een tiental passen ebt de pijn weg.

Therapie

  • Vroeg stadium
    • Rust/ sportactiviteiten verminderen
    • schoenadvies (geen platte schoenen, een lichte hiellift geen meteen pijnreductie)
    • schokdemping
    • kiné (stretching van fascia plantaris, kuitspier en hamstrings)
    • ijs
    • Ontstekingsremmers
  • gemiddeld stadium
    • zooltherapie met een fasciagroeve
    • lokale infiltratie
  • late stadium
    • Shockwave-therapie (ESWT)
    • cast immobilisatie
    • Infiltratie met eigen bloedplaatjes
    • fasciatomie ‘Release’: niet altijd effectief